Het belegd vermogen van Nederlandse pensioenfondsen is vorig jaar ondanks de coronacrisis 8% gestegen naar €1679 mrd. De fondsen leverden in op vastgoed, terwijl de waarde van aandelen, vastrentend en alternatives flink steeg.

Dat blijkt uit cijfers die DNB gisteren publiceerde. Eind 2019 bedroeg het belegd vermogen nog €1554 mrd, eind 2018 was dat €1323 mrd. Het gaat om beleggingen inclusief derivaten.

Pensioenfondsen belegden eind 2020 €140 mrd in vastgoed; 2,3% minder dan een jaar eerder. De min werd gedreven door beleggingen in indirect vastgoed (-3,1%). Dat zijn beleggingen in (beursgenoteerde) vastgoedfondsen. Direct vastgoed, stenen op de balans van pensioenfondsen zelf, steeg juist 4,1% in waarde. Eind 2020 zat 8% van het belegd vermogen in vastgoed.

Aandelen herstelden zich van een belabberd eerste kwartaal en kwamen uit op €525 mrd; een plus van 8,6%. Aandelen ontwikkelde markten (+8,9%) deden het beter dan aandelen opkomende markten (+7,1%). De totale beleggingen bestonden eind vorig jaar voor 31% uit aandelen.

Belegd vermogen in staatspapier flink gestegen

Bij de vastrentende waarden (+11,9% naar €932 mrd) valt vooral de stijging bij staatsobligaties op (21,2% naar €453 mrd). Staatspapier profiteerde onder andere van de forse daling van de marktrente. De dertigjarige euroswaprente daalde vorig jaar van 0,6 naar -0,03%.

DNB kan niet zeggen of er nog andere redenen zijn waarom de allocatie naar staatsobligaties zo fors is gestegen. Eind vorig jaar was 34% van het vermogen belegd in nominaal staatspapier. In 2010 was dat nog 19%. Exclusief derivaten bedroeg de stijging van het vermogen in staatspapier niet 21,2% maar 16,6% (zie tabel). Het verschil tussen inclusief en exlusief wordt voornamelijk veroorzaakt door renteswaps.

 

Beleggingen in staatsobligaties exclusief en inclusief derivaten
(in mrd €)          
  2019 2020 Verschil Stijging (in %)  
exclusief 389 453 64 16,5    
inclusief 467 566 99 21,2    

 

Het belegde vermogen in hypotheken (+8,3%) en credits (+10,6%) ging wat minder hard vooruit. Inflation linked bonds leverden juist flink in (-62%). Inclusief deze beleggingen kwam het belang in vastrentende waarden uit op 55%. In 2010 bedroeg dit 45%.

Alternatieve beleggingen stegen 7,9% naar €97 mrd. De plus werd vooral gedreven door private equity (+10,3%) en in mindere mate infrastructuur (+3,1%). Hedgefondsen, die DNB niet rekent tot de alternatieve beleggingen, leverden flink in (-10,7%). Pensioenfondsen belegden 6% van hun vermogen in alternatives.

Het beeld uit de DNB-data komt aardig over met de jaarrendementen die vijf grootste pensioenfondsen in januari presenteerden.