Vier op de tien Nederlandse pensioenfondsen zetten externe vermogensbeheerders aan de dijk of overwegen dit te doen vanwege slechte prestaties tijdens de coronacrisis. 

Dat blijkt uit onderzoek van bfinance naar de impact van de coronacrisis op het beleggingsbeleid van institutionele beleggers. De consultant ondervroeg 368 beleggers wereldwijd. Hieronder waren ook 23 Nederlandse pensioenfondsen, waarvoor bfinance een aparte set data vrijgaf.

De consultant vroeg pensioenfondsen niet eerder naar hun plannen om de samenwerking met vermogensbeheerders te beëindigen, dus het is niet duidelijk of de coronacrisis heeft geleid tot een stijging van de ontevredenheid over de prestaties van vermogensbeheerders. Buitenlandse pensioenfondsen zijn trouwens nog meer geneigd dan Nederlandse fondsen om dit jaar externe managers te ontslaan. 21% van hen heeft dit al gedaan of is van plan dit te doen, en nog eens 34% acht het waarschijnlijk. Voor Nederlandse pensioenfondsen is dit respectievelijk 10% en 30%.

Kathryn Saklatvala van bfinance zegt enigszins verrast te zijn door deze ‘behoorlijk hoge’ cijfers. ‘Over het algemeen hebben Europese, en ook Nederlandse pensioenfondsen, meer geduld met externe beheerders. We hebben deze vraag niet eerder gesteld, maar het lijkt erop dat de coronacrisis heeft geleid tot een stijging van het aantal manager reviews.’ 

Kritiek op emd en smart beta

Het ligt voor de hand dat met name de prestaties van managers die het tijdens de coronacrisis slecht hebben gedaan extra onder loep worden genomen. Uit het onderzoek van bfinance blijkt dat Nederlandse pensioenfondsen met name kritisch zijn op de prestaties van hedgefondsen en van externe beheerders in de beleggingscategorieën emerging market debt en smart beta.

‘We zien inderdaad een stijging van de manager reviews in die categorieën’, bevestigt Frans Verhaar, hoofd Benelux bij bfinance. ‘Maar het is nog te vroeg om te zeggen of die beheerders ook daadwerkelijk aan de kant zullen worden gezet.’

‘Trend naar private markten versnelt’

Bfinance vroeg beleggers ook naar hun plannen voor het strategisch beleggingsbeleid. Daaruit blijkt dat de trek naar private markten door de coronacrisis in een stroomversnelling terecht lijkt te zijn gekomen. Meer dan de helft van de ondervraagde internationale beleggers is van plan dit jaar meer geld te stoppen in niet-beursgenoteerde beleggingen. Met name infrastructuur, private equity en private credit zijn populair. Staatsobligaties, hedgefondsen en zelfs aandelen staan juist op de nominatie om verkocht te worden. Nederlandse beleggers zijn in tegenstelling tot hun buitenlandse tegenhangers ook van plan hun blootstelling aan bedrijfsobligaties met een investment-grade rating te verkleinen (zie grafiek).

grafiek bfinance

‘We zien de trend naar meer beleggingen in private markten natuurlijk al langer, maar veel beleggers lijken de huidige crisis als een aantrekkelijk instapmoment te zien. Daarom halen ze hun plannen om meer te beleggen in private markten naar voren’, denkt Saklatvala.

Ze stuiten daarbij wel op een mogelijk probleem, dat tijdens de coronacrisis in alle hevigheid duidelijk werd: het waarderen van private beleggingen. Waar bijvoorbeeld de prijzen van beursgenoteerd winkel- en kantoorvastgoed kelderden, was dit in de prijzen van niet-beursgenoteerd vastgoed nog niet terug te zien omdat zulke beleggingen meestal maar eens per jaar gewaardeerd worden.

Volgens Verhaar is dit niet per se een probleem. ‘Het is genoegzaam bekend dat de waarderingen van private beleggingen niet actueel zijn. Voor langetermijnbeleggers als Nederlandse pensioenfondsen zou dat in principe geen punt moeten zijn.’

Toch blijkt 20% van de 35 Nederlandse beleggers in het onderzoek (waarvan dus 23 pensioenfondsen) een beursgenoteerd equivalent (bijvoorbeeld de MSCI World voor private equity-beleggingen) te gebruiken om hun illiquide beleggingen te waarderen. Nog eens 10% schakelt hiervoor een externe adviseur in. Opvallend: 10% van de Nederlandse respondenten geeft toe het eigenlijk wel prettig te vinden dat de waarderingen van hun private beleggingen niet altijd kloppen, omdat dit de volatiliteit van de totale beleggingsportefeuille omlaag brengt.