Het gemiddelde pensioenfonds heeft ongeveer 35% van zijn vermogen belegd in aandelen. Maar qua risico maken aandelen een veel groter deel uit van de portefeuille. Te groot, stelt pensioenconsulent Michel Klaster.

‘Voor ondernemingspensioenfondsen is het aandelenrisico ongeveer 50%, en voor bedrijfstakpensioenfondsen zelfs meer dan 60%’, zegt Klaster, voormalig hoofd relatie- en portfoliomanagement bij Aegon en nu oprichter van pensioentech-startup Pebbls. Dat betekent dat een bpf bij een aandelencrash over het algemeen harder wordt geraakt dan een opf.

De risicoallocatie van een bepaalde beleggingscategorie is een functie van de volatiliteit en de allocatie als percentage van het belegd vermogen. Aandelen zijn veel volatieler dan bijvoorbeeld staats- en bedrijfsobligaties met de hoogste kredietkwaliteit. In de grafieken is de allocatie in euro's versus de risicoallocatie van alle categorieën te zien.

 

pf risico allocatie

 

pf allocatie euro 

 

Klaster vindt het aandelenrisico van een gemiddeld fonds veel te hoog en pleit voor meer alternatieve beleggingen.

De risicoconcentratie in aandelen is echter niet de oorzaak van de problemen waarin veel pensioenfondsen verkeren. Dat is de stijging van de waarde van de verplichtingen. Dus waarom zouden pensioenfondsen nu ineens hun aandelenallocatie moeten terugbrengen? Ze hebben daar de afgelopen jaren immers prima rendementen op gehaald.

Risicospreiding

Het gaat er volgens Klaster om dat een pensioenfonds niet te veel risico toewijst aan één bron. ‘Er is immers een goede kans dat het toekomstige rendement op aandelen een stuk lager ligt dan het rendement van de afgelopen twintig jaar.’ Volgens hem moet meer worden belegd in alternatieve beleggingscategorieën die grotendeels afhankelijk zijn van andere risicobronnen, maar met hetzelfde of een hoger verwacht rendement.

Klaster stelt voor een deel van de aandelenportefeuille te vervangen door zogenoemde commodity trading advisors (cta’s). ‘Dat zijn actieve managers die alleen in futures beleggen, van valuta tot grondstoffen of aandelenindices. Cta’s correleren niet met aandelen en zijn bovendien heel liquide.’

Private debt of private equity?

De andere alternatives die Klaster aandraagt zijn een stuk minder liquide. Hij is bijvoorbeeld fan van private debt. ‘Dat zijn vertrouwde, vastrentende beleggingen waar je een rendement tot 7% op kan halen en waar voldoende aanbod van is in Nederland. Private debt past ook prima in een matchingportefeuille.’

Private equity is niet altijd geschikt, vindt Klaster. ‘Het risico van veel private-equitybeleggingen lijkt erg op aandelenrisico. Het is zaak ongecorreleerde beleggingen te vinden in die hoek, zoals litigation finance, muziekrechten of infrastructuurprojecten. Onder meer Amerikaanse endowments zoals Yale en Harvard beleggen hier al in.’ Zonder de juiste kennis en processen kunnen dit soort exotische beleggingen echter nog risicovoller uitpakken dan aandelen, waarschuwt Klaster. ‘Dit soort beleggingen is zeker niet voor alle pensioenfondsen geschikt.’

Sommige pensioenfondsen maken gebruik van putopties om hun aandelenrisico te verminderen, maar die optie wijst Klaster af. ‘Putopties zijn duur. Elke keer dat ze aflopen, moet je ze weer vervangen, en per saldo betekenen ze een negatieve rendementsbijdrage.’

Kosten

Veel pensioenfondsen staan huiverig tegenover alternatives vanwege de hogere kosten. Kortzichtig, vindt Klaster. ‘Je moet kosten altijd in relatie tot de meerwaarde bekijken. De kostendiscussie wordt zeer ongenuanceerd gevoerd. Als een pensioenfonds de allocatie naar alternatives uitbreidt, betaalt het meer aan aan beheerkosten. Maar daar staat een hoger rendement tegenover en een betere risicospreiding. Grote pensioenfondsen kunnen bovendien forse kortingen bedingen op de fees.’

Pensioenfondsen die hoofdzakelijk in indextrackers beleggen en daarom zeer lage kosten hebben, kloppen zich volgens Klaster ten onrechte op de borst. ‘Je gaat toch ook niet opscheppen over je goedkope Skoda, als je buurman een dure Audi heeft, die hij wel met 20% korting heeft weten te kopen?’