Rabobank Pensioenfonds wil de komende vijf jaar een grote pluk aandelen inruilen voor onder andere private equity, infrastructuur en high yield. De weging van aandelen daalt naar 20%, terwijl die van alternatives stijgt naar ruim 25%.

Karin Merkus, sinds 1 januari uitvoerend bestuurder bij het Rabo-fonds, werkt vanwege de coronacrisis thuis. Ze doet het interview voor dit beleggingsprofiel vanuit de slaapkamer van haar 11-jarige zoon. ‘Hij vindt de inrichting enorm kinderachtig’, excuseert ze zich voor de blauwe muur en sterretjes op het plafond. ‘Van de zomer verhuist hij naar een andere kamer, dan schudden we de boel op.’

De beleggingsportefeuille van Rabobank Pensioenfonds (omvang €28 mrd) maakt zich ook op voor een grote verandering. Over vijf jaar zal het fonds aanzienlijk minder in aandelen beleggen, ten gunste van private equity, infrastructuur en high yield. Uiteindelijk is het doel dat de beleggingsmix voor ruim 25% uit dit soort alternatieve beleggingen zal bestaan, terwijl dat nu nog 14% is. Het aandelenbelang moet slinken van de huidige circa 26% naar 20%.

Op termijn zal het pensioenfonds meer in alternatieve beleggingen zitten dan in aandelen. ‘In de returnportefeuille is het aandelenrisico dominant, dat willen we terugbrengen’, zegt de bestuurder met vermogensbeheer onder haar hoede. ‘Ik ben voorstander van zo veel mogelijk spreiding bij zakelijke waarden over aandelen, alternatieve beleggingen en vastgoed.’ Merkus wijst erop dat het fonds bij alternatieve beleggingen ook deels in aandelen belegt via ‘risk parity’.


Risk parity

Risk parity is een belegging die ervan uitgaat dat je aandelen-, rente- en inflatiebeleggingen altijd in de vaste verhouding van een derde ten opzichte van elkaar moet spreiden. De strategie, 5% van het belegd vermogen, wordt beheerd door Amerikaanse managers Bridgewater en AQR. De filosofie van spreiding in een vaste verhouding spreekt Merkus aan. Ze verwacht dat deze strategie in de portefeuille blijft. Het rendement bedroeg in 2019 ruim 21%.


Het fonds beseft dat meer alternatieve beleggingen ook hogere vermogensbeheerkosten met zich meebrengen. In 2019 waren alternatives met €32,8 mln al de hoogste kostenpost qua beleggingen; dat is inclusief €9,2 mln aan prestatievergoedingen. Merkus noemt de hogere kosten een nadeel, maar ze vindt het belang van spreiding en risicoreductie toch zwaarder wegen.

Factor-strategie blijft achter

Bij aandelen staat het fonds ook voor een belangrijke beslissing. Sinds 2010 hanteert het een actieve factorstrategie met nadruk op waarde-aandelen (met een lage koers/winstverhouding) en small caps. Over de afgelopen vijf jaar was het rendement op aandelen gemiddeld 0,69% lager ten opzichte van de bredere MSCI-benchmarks. Vorig jaar was dit zelfs 2,78%. Hoewel het rendement op aandelen 25,6% bedroeg, is het verantwoordingsorgaan kritisch op de ‘underperformance’.

Het bestuur besluit binnenkort of doorgaat met de actieve factorstrategie. Merkus: ‘Er is eigenlijk geen goed of fout, maar het is duidelijk dat de strategie bij ons is achtergebleven. Ook vraag mij af of factorbeleggen nog wel past in de huidige tijdsgeest. De winnaars van de toekomst lijken bedrijven die wendbaar zijn voor klimaatverandering en hogere eisen op het gebied van corporate governance. Dit is lastig voor bijvoorbeeld nuts-, olie-, telecombedrijven en financiële waarden, die vaak in een portefeuille met waarde-aandelen zitten.’

Daarnaast heeft het fonds begin dit jaar zijn beleggingsovertuiging ‘actief, tenzij’ aangepast. ‘Het uitgangspunt is nu dat we per beleggingscategorie bekijken of actief beheer waarde toevoegt. Bij aandelen ontwikkelde landen zijn we daarvan niet langer altijd overtuigd. Vermogensbeheerders moeten echt van goeden huize komen om mij te overtuigen dat zij de markt kunnen verslaan. De aandelenbeurzen van ontwikkelde markten zijn daarvoor te efficiënt en transparant.’

Het bestuur kan besluiten om, eventueel in gewijzigde vorm, vast te houden aan factorbeleggen. Maar mocht het roer omgaan, dan zal het fonds samen met zijn fiduciair manager Achmea IM op zoek moeten naar andere vermogensbeheerders voor aandelen. ‘We krijgen het dan inderdaad nóg drukker de komende tijd’, zegt Merkus met een glimlach. De huidige aandelenmanagers ontwikkelde markten zijn Robeco, Schroders, AQR, Numeric, AXA Rosenberg, Dimensional en PanAgora.

Verduurzaming beleggingen

Bij afscheid van factorbeleggen overweegt het fonds een duurzame aandelenbenchmark te laten ontwikkelen. Die moet dan passen bij het nog te formuleren aangescherpte beleid voor uitsluitingen en een doel voor CO2-reductie. Het bestuur wil hier de tweede helft van het jaar mee starten. Het sluit voor duurzaam en impactbeleggen aan bij het beleid van sponsor Rabobank. Merkus: ‘Die heeft bijvoorbeeld een aantal mooie projecten op het gebied van voedselzekerheid.’ Pensioenfondsen Shell, PostNL en Detailhandel lieten al eerder een duurzame benchmark ontwikkelen.

Karin merkus rabo pf

Dat het fonds zijn uitsluitingenbeleid nog moet aanscherpen en momenteel geen CO2-doelstelling heeft, lijkt erop te duiden dat het fonds achterloopt qua duurzaamheid ten opzichte van andere grote fondsen. Merkus, die eerder bestuurder was bij PMT met als aandachtsgebied vermogensbeheer, erkent dat het Rabo-fonds misschien tot op heden geen voorloper is. ‘Toch gebeurt er wel degelijk wat onder de radar. Wij willen de komende jaren bijvoorbeeld 35% van onze infrabeleggingen in hernieuwbare energie steken.’

Risico-analyse pandemie

Het fonds heeft tijdens de coronacrisis geen wijzigingen aangebracht in het beleggingsbeleid. Merkus sluit niet uit dat dit na de zomer alsnog gebeurt, op basis van een ‘pandemierisico-analyse’ die het fonds heeft uitgevoerd. Daaruit bleek dat de coronacrisis langer aanhoudt dan eerder gedacht, met een olieprijs die langer laag blijft en meer bedrijfsfaillissementen. Wij zijn lange-termijnbelegger, maar wellicht moet je toch wat met deze signalen in je portefeuille.’

Het belegd vermogen is zelfs gestegen in het eerste kwartaal, van €25,6 mrd naar €27,9 mrd, ondanks corona. Het fonds heeft zich via opties beschermd tegen een forse dalingen op de aandelenmarkt. Daarnaast profiteerde het fonds juist van de rentedaling in maart, omdat het zijn renteafdekking eind vorig jaar fors heeft verhoogd van 30% naar 70%. In 2020 is dit opgetrokken naar 85%.

Het fonds heeft geconcludeerd dat renterisico een ‘onbeloond risico’ is. Er valt geen risicopremie te behalen bij een lage rentehedge, dus kun je de renteafdekking maar het beste zo hoog mogelijk zetten. ‘Onze ldi-manager Cardano heeft de afdekking vooral via renteswaps verhoogd, maar ook voor een klein deel met swaptions. Dit is een optie op een swap. Bij swaptions behoudt je ook opwaarts potentieel.’ Onlangs meldde PME dat het zijn renteafdekking de komende jaren ook wil verhogen.

De aanschaf van renteswaps en swaptions leidde in 2019 tot flink hogere transactiekosten. Die stegen voor derivaten van €6 mln naar €19,1 mln. De totale vermogensbeheerkosten inclusief transactiekosten liepen mede hierdoor op van €101 mln naar €128 mln. Gemeten over het belegde vermogen is dat een stijging van 0,39% naar 0,47%.

‘Rol anders dan bij PMT’

Merkus is nu een paar maanden cio bij het Rabobank pensioenfonds. Ze ervaart haar rol als verantwoordelijke voor de beleggingen anders dan bij PMT. ‘Dat komt vooral door het gekozen bestuursmodel. Bij PMT was er een paritair bestuur en was ik bestuurder vermogensbeheer. Veel uitvoerende werkzaamheden vinden dan plaats op het bestuursbureau. Bij Rabobank Pensioenfonds ben ik een van de twee uitvoerende bestuurders en zo nog meer betrokken bij de voorbereiding van besluitvorming.’

Of ze daarmee ook een eigen stempel kan drukken op het beleggingsbeleid van het pensioenfonds? ‘Uiteindelijk besluiten we met het gehele bestuur. Maar voor mijn eigen visie over het nut van spreiding bij beleggingen en mijn kritische houding tegenover actief beheer bij aandelen is zeker ruimte. Daar is ook rekening mee gehouden bij mijn aanstelling.’

De komende tijd publiceert Pensioen Pro interviews met cio’s/bestuurders van pensioenfondsen over het beleggingsbeleid.


 

Rabobank Pensioenfonds in cijfers (per 31-3-2020)

Belegd vermogen: €27,9 mrd

 

Beleggingsmix op hoofdlijnen

 

Beleggingsmix gedetailleerd

 

Uitbesteding

Fiduciair beheer: Achmea IM

Advies/beheer renteafdekking: Cardano

Aantal vermogensbeheerders: 55

 

Discretionair/beleggingsfondsen

Discretionair: ontwikkelde markten en vastrentende waarden

Beleggingsfondsen: opkomende markten

 

Vermogensbeheerkosten (2019)

Exclusief transactiekosten: 0,32% (2018: 0,31%)

Inclusief transactiekosten: 0,47% (2018: 0,39%)

 

Klik hier voor meer informatie over Rabobank Pensioenfonds op Pensioen Pro Insights.