Passief klimaatbeleggen wint snel terrein, blijkt uit onderzoek van CREATE Research. Over drie jaar doen de meeste pensioenfondsen eraan, zo is de verwachting.

Op dit moment hebben acht op de tien pensioenfondsen actieve en passieve klimaatgerelateerde beleggingen in hun portefeuilles, zo blijkt uit het onderzoek, in opdracht van DWS AM. Daarvoor werden 131 pensioenfondsen in twintig landen waaronder Nederland bevraagd. De betreffende pensioenfondsen hebben samen €2.300 mrd aan vermogen onder beheer. Iets minder dan de helft van hen (44%) doet aan passief klimaatbeleggen, waarbij ze een benchmark volgen en daarvan eventueel een beperkte afwijking toestaan.

Het percentage zal de komende jaren naar verwachting snel groeien. Twee derde van de ondervraagde pensioenfondsen verwacht de komende drie jaar het aandeel passieve klimaatbeleggingen in de totale beleggingsportefeuille uit te breiden. Geen enkele respondent zegt van plan te zijn de allocatie naar passief klimaatbeleggen te verlagen.

Passief sdg-beleggen

Het onderzoek maakt een onderscheid tussen vier verschillende vormen van passief klimaatbeleggen. Op dit moment komt beleggen in brede indices waarbij grote klimaatvervuilers, zoals producenten van fossiele brandstoffen, worden uitgesloten, het meest voor. In deze categorie vallen ook best-in-class indices, waarbij de meest vervuilende bedrijven in elke sector worden uitgesloten.

Een tweede mogelijkheid is passief beleggen met als doel de realisatie van de Sustainable Development Goals (sdg’s) te bevorderen. Een kwart van de passieve klimaatbeleggers kiest hier nu al voor. In Nederland zijn dit onder meer de fondsen Horeca & Catering en Detailhandel.

De komende jaren zal sdg-beleggen volgens het onderzoek uitgroeien tot veruit de populairste vorm van passief klimaatbeleggen. Meer dan de helft van de respondenten uit het onderzoek denkt hier over drie jaar aan te doen.

Ook ‘smart beta’ klimaatbeleggen, waarbij een passieve portefeuille aan de hand van bepaalde klimaatgerelateerde factoren (zoals CO2-uitstoot) wordt ingericht, wordt naar verwachting snel populairder. Een vierde en laatste categorie is passief beleggen op basis van indices voor groene obligaties. Ook die categorie groeit de komende drie jaar iets in populariteit.

‘Deze laatste drie beleggingsstrategieën zijn het geschiktst om blootstelling te creëren aan specifieke zaken als lagere emissies, innovatie in schone energie, lagere energiekosten en energie-efficiëntie’, stellen de onderzoekers.

De belangrijkste reden voor de populariteit van klimaatbeleggen is de verwachting dat het een beter voor risico gecorrigeerde langetermijnrendement oplevert. Van pensioenfondsen doet 62% om deze reden aan klimaatbeleggen. Ook druk vanuit toezichthouders en de wens van deelnemers om meer aan klimaatbeleggen te doen, hebben invloed.

Obligaties blijven achter

(Passief) Klimaatbeleggen blijft voorlopig trouwens nog wel vooral een zaak van aandelenbeleggers, blijkt uit het onderzoek. Slechts 36% van de respondenten doet op dit moment aan klimaatbeleggen via (met name groene) obligaties. Dit percentage stijgt de komende drie jaar naar verwachting maar marginaal naar 39%.

Volgens respondenten zijn obligaties zonder ‘groen’ keurmerk eenvoudigweg minder geschikt voor klimaatbeleggen, omdat moeilijk te achterhalen is hoe klimaatvriendelijk obligaties zijn. Het is niet duidelijk waar de opbrengst precies voor wordt gebruikt. Ook blijkt engagement met de uitgevers van obligaties moeilijker.